maandag 22 september 2014

Meerderen bij breiwerk

Zoals elke maandag buiten de schoolvakanties om reed ik ook vanmorgen weer naar mijn werk. In de veronderstelling dat er om 9 uur op mij gewacht werd. Maar eenmaal binnen ontdekte ik iets vreemds. Er waren geen kinderen in de school. En een school zonder kinderen, dat klopt niet. Dat klopt op meerdere punten niet. Allereerst is een school zonder kinderen net als een huis zonder bewoners. Of als een taart zonder slagroom. Maar daarnaast is het bij ons nu eenmaal zo dat als er geen kindjes zijn er ook geen onderwijsassistent nodig is. Dus mocht ik weer naar huis. Nou, na even dag gezegd te hebben tegen mijn collega's die een studiedag bleken te hebben ben ik maar weer naar huis gegaan. En wat kan een onverwachte vrije dag dan lekker zijn!

Wat doe je op zo'n dag met veel tijd over? Breien natuurlijk. Haken kan ook. Maar vanmorgen ging ik breien. Breien omdat ik dat een tijdje niet gedaan heb. Ik heb onwijs veel gehaakt. Maar nu ik Merwin uit de oude doos heb gehaald kreeg ik er ineens weer heel veel zin in.

Ik ben ook gaan breien omdat ik weer bedacht hoe lastig ik het vond toen ik het net kon om te meerderen en te minderen. Ik heb toen wat tips gezocht. En wat geprobeerd. En geoefend. Uiteindelijk kreeg ik het in mijn vingers. Maar om anderen eens wat op weg te helpen heb ik een tutorial gemaakt.

Ik heb de uitleg gemaakt met de gedachte in mijn achterhoofd dat breien wel lukt. Het opzetten, recht en averecht. Dat zijn dingen die wel voldoende in de vingers zitten. Maar nu het meerderen. Het meerderen is nodig om er voor te zorgen dat er vorm in het breiwerk komt. Of er nu een stola uit moet komen, een vest of een knuffel, er moet altijd gemeerderd worden. En het is ook geweldig om als je een paar keer gemeerderd hebt de vorm te zien ontstaan. Ineens wordt het wat. Zo onder je vingers ontstaat er een werkstuk waar je trots op mag zijn.

Voor meerderen zijn er verschillende methodes. De een is duidelijker zichtbaar dan de ander. Als je onzichtbaar wilt meerderen is het het handigst om zo dicht mogelijk langs de rand te meerderen. Van valt het weg met het in elkaar zetten van het werkstuk. Maar dan nog zijn er verschillende methodes waarbij de ene meerdering meer opvalt dan de andere. En soms maakt het ook nog uit aan welke kant je de meerdering maakt. 

Ik heb de meerderingen steeds aan weerkanten gemaakt. Zodat je een beetje een driehoek krijgt met de punt beneden.

Bij deze eerste meerdering zijn er 2 steken uit 1 steek gemaakt. Eerst aan de rechte kant.

Eerste steek gebreid, maar laat de steek niet af glijden.

Steek de naald nu achterin de steek, van voor naar achter.

Hier het werk aan de achterkant.

Sla de draad om de naald zoals je altijd doet met recht breien.

Haal de naald met draad door de steek. En laat de steek op de linkernaald nu afglijden.


 Zo ziet het werk er uit als er een paar naalden verder gebreid is. Je kan deze meerdering wel een beetje zien. Maar je kan deze steek op elke gewenste plek doen. De eerste, de laatste of ergens midden in. Dat maakt niet uit.

Nu dezelfde meerdering maar dan aan de averechte kant.
Brei weer de eerste steek maar nu averecht en laat de steek niet van de naald afglijden. Steek de naald achter in de steek van achter naar voor. Dit is best een beetje priegelen. Maak de steek eventueel wat ruimer met de vinger om de naald er goed doorheen te krijgen.

Sla de draad om de naald zoals je altijd doet met averecht breien. Haal de naald nu door de steek en laat de steek van de naald afglijden.

Zo ziet de meerdering aan de averechte kant er uit.
 Er is nog een manier van meerderen. Dat is meerderen met een omslag. Ook hier moet er een steek verdraaid gebreid worden (vanaf de achterkant insteken) maar dat komt pas in de volgende naald.
Brei de eerste steek gewoon recht.

Sla nu de draad om de rechter naald.
Brei de steken op de linkernaald gewoon verder tot de naald uit is. Bij een meerdering aan weerskanten moet de draad ook om de naald geslagen worden aan het einde van de naald voordat de laatste steek gebreid wordt.

Brei de volgende naald en brei de naald tot de een na laatste steek. Dit is de omslag. Steek hier de naald vanaf de achterkant in van achter naar voor. Omdat het een omslag is en de draad al wat losser zit is dit makkelijker te doen. Zou je gewoon een averechte steek breien dan wordt de steek te los en komt er een gaatje in het werk. Soms is dat juist wel leuk en in sommige patronen is dat juist de bedoeling.

Sla de draad om de naald zoals je altijd doet met een averechte steek.

En haal de naald met draad door de steek en laat de steek afglijden.


Hier is de meerdering te zien wanneer je de draad omslaat.

Nu de averechte kant. Brei de eerste steek.

Sla de draad om de rechter naald. Bij het averecht breien moet de draad veel verder omgeslagen worden dan wanneer je aan de rechte kant breit. Brei nu de overige steken op de linkernaald gewoon averecht af.

Brei nu aan de rechte kant de steken verdraaid recht. Steek in de een na laatste steek de naald aan de achter kant in van voor naar achter.
Sla de draad om de naald zoals je altijd doet bij recht breien. Brei de naald nu af.
Het eindresultaat
Nu gaan we meer steken bijmaken. Dit kan niet aan weerskanten van de naald. Maar vaak staat het in het patroon wel zo beschreven. Als er staat meerder in de 13e naald aan weerkanten twee steken dan is het de bedoeling dat je in de 13e naald aan het begin van de naald 2 steken meerdert en in de 14e naald ook. Zo krijg je er aan beide kanten 2 steken bij. Dat de ene kant dan iets lager zit dan de ander maakt op het geheel niet zo veel uit. Ook niet als je een mouw aan het breien bent en de delen later aan elkaar gemaakt moeten worden. Bij het in elkaar zetten is daar niets meer van te zien. We gaan deze steken breiend opzetten. Dit is ook een methode om alle steken van de hele naald op te zetten.

Brei de eerste steek maar laat de steek niet van de linkernaald afglijden.

Zet de zojuist gebreide nieuwe steek die nu op de rechter naald staat op de linkernaald.

Zo komt dat er dan uit te zien.

Aan de averechte kant doe je precies hetzelfde. Brei de eerste steek, laat deze niet afglijden en zet de net gemaakte steek van de rechter naald op de linkernaald.

De draad hangt nu een beetje raar. Maar als je er mee gaat breien komt dat helemaal goed.

En zo ziet het er dan uit als er 2 steken gemeerderd zijn. Je ziet hier wel dat de ene meerdering op de foto aan de rechterkant eerst gemaakt is en dat de meerdering aan de linkerkant gemaakt is. Maar dat maakt op het grote geheel verder niets uit.
Ik hoop dat ik mensen hier mee heb kunnen helpen. En als er aanvullingen zijn laat het gerust weten. Er zijn nog talloze manieren om steken bij te maken. Prachtige methodes zijn er bedacht. Maar dit zijn wat ik weet de meest gangbare. Binnenkort hoop ik nog uitleg te geven over het minderen van breiwerk. Maar dit is voor nu even genoeg om te oefenen denk ik. Succes.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Klets gezellig mee en laat een berichtje achter. :-)